Trouw, 13 Augustus 2008

Modern ontwerpen leidt tot miljardenbesparing in de bouw

Fouten in de bouwwereld kosten jaarlijks vele miljarden. Die schade kan zeker met de helft omlaag. Dankzij digitale bouwmodellen.

door Edo Sturm

Tijdens de bouw van een kantoor blijkt een verwarmingsbuis dwars door het trappenhuis te lopen. Of een gevel sluit niet aan op de woning waardoor het hemelwater vrij spel heeft. Incidenten? Nee. fouten tijdens het bouwproces zijn schering en inslag. Al jaren. En de kosten stapelen zich maar op.

"Het kan anders"·, zegt Wubbo Hazewinkel, van architectenbureau 3D BluePrint Technologies. Hij claimt met virtuele rekensoftware de zogeheten 'faalkosten' in de bouw met minstens de helft te kunnen terugdringen. De oplossing schuilt volgens hem in het grootschalig gebruik van driedimensionale bouwtekeningen, zoals in de vliegtuigindustrie al jaren gemeengoed is.

Cijfers van onderzoeksbureau USP Marketing Consultancy spreken boekdelen. In 2001 werden de faalkosten in de bouw geraamd op 7,7 procent van de ornzet. In 2005 was dat percentage opgelopen tot 10,3. Voor dit jaar worden de faalkosten voorzichtig geschat op 11,4 procent. De omzet in de bouw bedroeg in 2007 ruim 55 miljard euro, rekende het Economisch lnstituut voor de Bouwnijverheid uit. Dit zou betekenen dat de kosten die de bouw moet maken omfouten te herstellen vorig jaar uitkwamen op 6,3 miljard euro.

Hazewinkel (64) wijdt de 'verkwisting' aan her uitblijven van 'hoognodige' technologische innovatie. "We maken als bouwwereld nog steeds gebruik van oude platte tekeningen." De oprichter en eigenaar van het Amsterdamse 3D BluePrint heeft ruim dertig jaar aan den lijve ervaren dat het gebruik van bouwtekening op papier vragen om problemen is. "Tweedimensionale bouwtekeningen laten veel te veel ruimte voor interpretatie. Tel daarbij de gebrekkige communicatie russen ontwerpers en bouwers, als ook met leveranciers en producenten. Ze gooien zonder voldoende rekening te houden met overige aspecten hun bijdrage over de schutting. Met als gevolg dat er storingen, fouten optreden."

Een computer, zegt Hazewinkel, kent geen 'menselijke trekjes'. Het driedimensionale bouwprogramrna kreeg zijn vuurdoop in 2002. Het jaar dat Hazewinkel, samen met een aantal collega-architecten, besloot voor zichzelf te beginnen. "De eerste opdracht was toevallig. Er werd ons gevraagd de nieuwbouwplannen voor het Spoorwegmuseum op te pakken." Over het resultaat, ruim binnen de begroting en ruim vijf maanden eerder opgeleverd, liet de toenmalige minister van verkeer, Peijs, zich hoogst verbaasd uit bij de opening, weer Hazewinkel nog. "Dat was ze niet gewend.'"


Het driedimensionale ontwerp van de nieuwbouw van het Spoorwegmuseum

De aanpak van 3D BluePrint houdt in dat het bouwproces vanaf de ontwerpfase tot de oplevering is ondergebracht in een systeem, een computersimulatie. De partijen betrokken bij de bouw hebben op elk gewenst moment inzage in de driedimensionale blauwdrukken. Via een speciale website of in uitgeprinte boekwerken. Hazewinkel: "Waar het om gaat is dat digitale bouwtekeningen, ook wel BIM (Building Information Model, red.) genoemd, teken- en constructiefouten vrijwel uitsluiten. Als de hele sector zo zou werken behoort minstens de helft van de faalkosten tot het verleden."

De overkoepelende organisatie voor de bouwsector, Bouwend Nederland, laat weten geen voorstander te zijn van verplicht gebruik van computersimulaties. In Denemarken bijvoorbeeld, is die verplichting er wel. "We stimuleren het gebruik van BIM in Nederland liever", verduidelijkt woordvoerder Theo Scholte van Bouwend Nederland.

Volgens hem zitten er 'onmiskenbaar veel positieve effecten aan virtuele bouwplannen'. De bouwbranche moet echter de tijd worden gegund, meent Scholte, om te wennen aan een andere manier van werken. Hazewinkel blijft optimistisch over de kansen. De architect denkt dat BIM binnen vijf jaar tijd gemeengoed zal zijn. "Het nut wordt nog nu veel te veel onderschat. Maar het is slechts een hulpmiddel, en geen doel op zich. We moeten het bouwproces weer gaan beheersen. Eerst rekenen, dan tekenen, zeg ik altijd."